Follow FrankTwisk on Twitter  
   

 

 

 

 

Peterson:

Vistide

is zeer effectief

in het geval van

HHV6- en/of CMV-infecties

 

 

 

 


 

Daniel Peterson  

 

Volgens een bijdrage van Dr. Peterson aan de internationale HHV6-conferentie in Parijs

resulteert Vistide (Cidofovir) bij HHV-6 en/of CMV vaak tot gedeeltelijk of volledig herstel.

 

Volgens de studie leidde Vistide bij 56% tot geheel en bij 14% tot gedeeltelijk herstel.

9% van de ME/CVS-patiŽnten stopte met de behandeling wegens "negatieve effecten".

 

Vistide is een breed-spectrum antiviraal middel dat de replicatie van virussen blokkeert.

 

De verbetering ging volgens de onderzoekers gepaard met

een toename van de zuurstofopname (VO2max) met gemiddeld 20%  en

een toename van de werkzaamheid (cytotoxiciteit) van de NK cellen.

 

De maximale zuurstofopname was na afloop nog beneden-normaal (onvoldoende),

maar vaak wel voldoende om een grote verbetering in het functioneren te bewerkstelligen.

 

Vistide is een vrij duur geneesmiddel en wordt per infuus toegediend.

CMX 001 is een alternatief voor Vistide dat goedkoper en en gemakkelijker toe te dienen is

(slikken i.p.v. spuiten). CMX001 is ontworpen om door de darmwand te passeren en in

de geÔnfecteerde cellen door te dringen alvorens de werkzame stof (cidofovir) vrij te geven.

De werkzaamheid van CMX001 zou beduidend groter zijn dan die van Vistide (klik hier).

 

Voor meer achtergrondinformatie bij de studie van Peterson en collega's,

klik op onderstaand logo:

 

 

 

 


 

Therapeutic potential of (HPMPC, VISTIDE) for the

treatment of HHV-6 and/or CMV infections in severely ill patients

diagnosed with chronic fatigue syndrome/myalgic encephalomyelitis.

7-4 Oral, 8th International Conference on HHV-6 & 7

April 8-10, 2013 in Paris, France, hosted by HHV-6 Foundation.

Gunnar Gottschalk, Isabel Barao, Daniel Peterson.

 

 

Objective:

 

Herpesvirus infections and natural killer (NK) cell dysfunction

may be important in the pathogenesis of

Chronic Fatigue Syndrome/Myalgic Encephalomyelitis (CFS/ME)

in a subset of patients.

 

Cidofovir has broad-spectrum activity against many DNA viruses

including the Beta-herpesviruses human herpesvirus 6 (HHV-6) and

human cytomegalovirus (HCMV).

 

In this study, we proposed:

  1. to determine the effect of cidofovir treatment on
  2. physical and cognitive functioning and NK cell function

    in CFS/ME patients with laboratory results suggestive of

    HHV-6 and HCMV infections; and

  3. to evaluate the tolerability and safety of Cidofovir treatment.

 

Methods:

 

From January 2005 to December 2012,

we prospectively evaluated 65 severely ill CFS/ME patients

who underwent Cidofovir treatment (intravenous; 5mg/Kg, every other week) in our clinic.

 

Patients were tested for

exercise tolerance (time on treadmill and oxygen consumption Ė VO2 Max) and

signs of possible herpesvirus infection in blood

via polymerase chain reaction (PCR) and antigenemia assays,

before and after treatment.

 

NK cell function was determined by a NK cell lytic unit (LU30) assay.

 

The tolerability of Cidofovir was assessed by standard blood chemistry tests.

 

 

Results:

 

46/65 (70%) patients had a partial or full response to treatment.

 

Of this group 27/46 (56%) presented with a full response to treatment and

were able to return to work and/or daily activities.

 

Increases in VO2 and in NK cell function were observed.

 

There were

6/65 (9%) patients who stopped taking the drug due to adverse events,

5/65 (8%) patients who were "lost to follow up", and

8/65 individuals (12%) who were non-responders to the drug.

 

In general, Cidofovir was well tolerated.

 

 

Conclusions:

 

An expanded study is indicated

to confirm these initial results and

explore new combination therapies for the treatment of

this subset of patients diagnosed with CFS/ME.

 

 

https://www.dropbox.com/s/9sl3v6g8kvplyvp/2013%20HHV-6%20Program%20Book.pdf

 

 


 

Met dank aan Manja.